21. 04. 27
posted by: Super User
Hits: 95

De rupsen zijn volop actief!

De rupsen zijn al een tijdje uit hun winterslaap maar ze houden niet van koude nachten en lichte vorst. Daardoor is de vraatschade beperkt gebleven. Tot nu. Intussen zijn de rupsen groter geworden en op warme dagen vreten ze volop buxusblaadjes. Controleer je buxus nauwlettend en grijp meteen in als je rupsen ziet. De meeste rupsen zijn een tweetal centimeter groot, felgroen met een zwarte kop en een patroon van zwarte stippen en zwarte en lichte lengtestrepen. Hoe groter de rups, hoe vraatzuchtiger ze is. 

Wat kun je nu doen? Speur jouw buxusstruiken goed af. Let op witte spinsels waarmee de takken en blaadjes van de buxus aan elkaar geweven zijn. Op die plekken vind je beslist rupsen. Bepaal je strategie: handmatig de rupsen weghalen, snoeien, bestrijden met een product. Aarzel niet en onderneem meteen actie. Enkel zo kan je de plaag onder controle houden gedurende de komende maanden. 

Hoe pak je de buxusmot aan?

21. 04. 04
posted by: Super User
Hits: 311

 Het Loo

Buxus keert terug naar de Paleistuinen

 

Paleis Het Loo plant drie verschillende buxusvarianten in de Paleistuinen. De buxus-cultivars met elegante namen als Heritage, Renaissance en Babylon Beauty vormen samen de nieuwe buxusaanwas. Er is gekozen voor deze varianten omdat ze resistent tegen Calonectria (voorheen Cylindrocladium) (buxusschimmel) zouden zijn en een hogere weerstand hebben tegen buxusmot. Ook de natuurlijke groeivorm speelt een rol. Het terugbrengen van de buxus brengt de tuinen nog meer in de oorspronkelijke 17e-eeuwse staat.

 

Testen in de Koningstuin

De buxus komt eerst terug in de Koningstuin. Dit gedeelte van de tuin is qua formaat en patroon een goede plek om de nieuwe buxussoorten te testen. Een tuin waar veel van de plant wordt verwacht; de perken en hagen in barokke vormen en proporties stellen hoge eisen aan de buxus vanwege groei- en snoeiperiodes. In totaal 27 kilometer aan haagjes door de paleistuinen van meer dan 300.000 plantjes, waarvan er 40.000 buxusplantjes in de Koningstuin worden geplant. De nieuwe buxus wordt als proef een jaar lang gemonitord op groei en gevoeligheid, voordat de buxusplantjes ook in andere delen wordt toegepast.

 

Historische herplanting

In de paleistuinen wordt gebruikt gemaakt van biologische bestrijding. Een belangrijk aspect om rekening mee te houden bij de keuze voor planten. Net buiten de Paleistuinen en op de Klosbaan staat veel ‘oude’ buxus, geplant in 1984, waardoor er voldoende vergelijkingsmateriaal is.

Bij de inrichting van de tuin is overal over nagedacht. Alle elementen, zoals de tuinbeelden en de fonteinen, maar ook de planten, bloemen en dus de buxus dragen bij aan de vorstelijke tuinkunst uit de 17e eeuw.  Dit voorjaar brengt Paleis Het Loo, terwijl Nederland de buxus mijdt, de tuin en buxushagen weer terug in volle glorie.

Koningstuin 2020 aanplant 4 1024x768

Bron: Nationale museum Paleis Het Loo

21. 03. 21
posted by: Super User
Hits: 375

ZIET U AL EEN RUPSJE?

Nieuwsflits april 2021 door "De buxusdokter"

 

Beste Renzo

In november hebben de jonge rupsen een omhulsel gesponnen tussen buxusblaadjes, in die cocon brengen ze de koude wintermaanden door. Wanneer het geleidelijk warmer wordt in het voorjaar, komen de overwinterde rupsen uit hun spinsel. Ze zijn 1 tot 2 cm lang. De vraatschade door deze kleine rupsen is beperkt. Naarmate ze vervellen en groter worden, worden ze vraatzuchtiger. Dan moet je ingrijpen. Dat moment wordt begin april verwacht.

 

Wat kunt u nu doen?

Controleer vanaf nu regelmatig uw buxusplanten op de aanwezigheid van rupsen. Als uw buxus vorig jaar september al behandelt heeft, is de kans groot dat u geen rupsen vindt. Naast het controleren kunt u de buxus een boost geven met een bemesting. Een gezonde plant herstelt sneller van vraatschade. Geef nooit meer voeding dan het aangegeven advies. Snoeien is ook een optie. Een groot deel van de rupsen belandt daarmee bij het snoeiafval. Doe het snoeiafval in een gesloten zak en gooi het weg in de grijze container.

 

Advies: Ziet u in april rupsen in de buxus? dan moet u die gaan behandelen. Dit kan verantwoord met de bacteriën van BUXUS PROTECT. Als de rups van de bladeren eet, vermenigvuldigen de bacteriën zich in hun maag en verstopt uiteindelijk. Gevolg hiervan is dat de rups niet meer eet en van de honger sterft. De feromoonval voor de buxusmot hoeft u nog niet op te hangen. Dat hoeft pas eind mei. We houden u op de hoogte.

 

SOSBUXUSMOT - Nieuwsflits maart 2021

 

Hallo, Zie jij al een rupsje?

Hier en daar komen de eerste rupsjes uit hun winterschuilplaats tevoorschijn. In november hebben de jonge rupsen een omhulsel gesponnen tussen buxusblaadjes, in die cocon brengen ze de koude wintermaanden door. Wanneer het geleidelijk warmer wordt in het voorjaar, komen de overwinterde rupsen uit hun spinsel. Ze zijn 1 tot 2 cm lang. De vraatschade door deze kleine rupsen is beperkt. Naarmate ze vervellen en groter worden, worden ze vraatzuchtiger. Dan moet je ingrijpen. Dat moment wordt eind maart verwacht. We houden je op de hoogte.  

Wat kun je nu doen?Controleer vanaf nu regelmatig én grondig je buxusplanten op de aanwezigheid van rupsen. We adviseren om voorlopig geen gewasbeschermingsmiddelen toe te passen, de temperatuur is te laag voor een efficiënte werking. Wel kan je intussen de buxus een boost geven met een bemesting. Een gezonde plant herstelt sneller van vraatschade. Snoeien is ook een optie. Een groot deel van de rupsen belandt daarmee bij het snoeiafval. Doe het snoeiafval in een gesloten zak en breng het zo snel mogelijk naar het containerpark.  

 

21. 02. 28
posted by: Super User
Hits: 728

 ingezonden door: 

Steven Oostendorp www.buxus-dokter.nl

Buxusmotbestrijding veilig

Koolmezen niet dood door buxusmot bestrijden

 

Datum: 12 november 2019

Bron: CLM

Leestijd: 3 minuten

 

Veel pesticiden in jonge mezen via honden- en kattenharen

Een studie van CLM Onderzoek en Advies in samenwerking met het Nederlands Instituut voor Ecologie
(NIOO-KNAW), laat zien dat de koolmezensterfte in de stad waarschijnlijk niet het gevolg is van de
bestrijding van buxusmotrupsen. Wel zijn er 26 verschillende pesticiden aangetroffen in dode jonge
mezen, waarvan twee derde van de metingen insecticiden betreft. Deze insecticiden zijn
waarschijnlijk voor het grootste deel afkomstig van diergeneesmiddelen tegen vlooien en teken bij
honden en katten. Mogelijk zijn jonge mezen in enkele nesten hieraan doodgegaan.

 

Insecticiden via honden- en kattenharen
Mezen gebruiken honden-en kattenharen om hun nest te bekleden (lekker warm). Door de behandeling
van honden en katten met diergeneesmiddelen tegen vlooien en teken blijken deze haren insecticiden
te bevatten. Op deze manier worden de kale jongen blootgesteld aan insecticiden en nemen ze deze
stoffen op. In totaal zou in maximaal 97% van het aantal keren dat in de jonge mezen nu toegestane
insecticiden zijn gevonden dit gerelateerd kunnen worden aan contaminatie via haren met
diergeneesmiddelen. Daarmee lijkt de ‘haarroute’ de meest waarschijnlijke route waardoor jonge
koolmezen insecticiden binnen krijgen. Deze route is nog niet eerder beschreven. Voor
gewasbeschermingsmiddelen die via het voedsel in de mezen komen is dat 58%.

Waarschijnlijk geen koolmezensterfte door buxusmotbestrijding
De gevonden concentraties van pesticiden zijn in de meeste gevallen te laag om sterfte van de jonge
mezen te hebben veroorzaakt. Op locaties waarvan de melder heeft uitgezocht welke pesticiden tegen
buxusmot zijn gespoten, vinden we deze stoffen bovendien niet terug in de mezen.

Ook is er geen toename van sterfte van nestjongen van koolmees in de stad waargenomen vanaf
2017, het jaar dat er een toename van de buxusmot is geconstateerd, en daarmee waarschijnlijk ook
van de buxusmotrupsbestrijding.
Wel kunnen de voor vogels sterk giftige stoffen fipronil en imidacloprid (diergeneesmiddelen) in
enkele gevallen de oorzaak zijn van sterfte van jonge koolmezen.

Waarom dan toch meer mezensterfte in de stad?
Uit eerder onderzoek blijkt een hogere sterfte van koolmeesnestjongen in de stad ten opzichte van
natuurgebieden. Dit is te verklaren door een combinatie van een lagere hoeveelheid insecten, een
lagere kwaliteit van de insecten en een hogere kans op predatie/sterfte van de adulten.